In dit oude recept worden de linzen nog een nacht geweekt voor ze te koken. Dat doen we tegenwoordig niet meer. De linzen werden in een aardewerken pot aan de kook gebracht en daarna op een heel laag vuur, achter op het hout gestookte fornuis verder gekookt of in de oven gezet. Doe ze in een aardewerken pot of een slow cooker met 1 1/2 liter vetarme boullion (twee blokjes) en voeg een paar laurierblaadjes en wat zout toe. Het duurt waarschijnlijk 40-60 minuten voordat je linzen gaar zijn.
Kook de pasta met een weinig zout. Ik gebruik hier de Sardijnse Fregola pasta, die op piepkleine kiezels lijken, maar je kunt een pasta naar keuze gebruiken.
Intussen verwarm je in een kleine steelpan zeker 6 eetlepels olijfolie, zout, peper, rozemarijn en knoflook, verhit tot de knoflook begint te verkleuren.
Neem de pan van het vuur en voeg de ansjovis toe en laat deze in de olie smelten. Verwijder de rozemarijn en klop het mengsel met een garde of met een staafmixer tot een homogeen sausje. (Wees voorzichtig want de olie kan nog erg heet zijn, gebruik zeker een keukenschort).
Laat de beetgare pasta uitlekken en doe deze terug in de pan en voeg daaraan toe het sausje van ansjovis, knoflook en olie, roer en laat een paar minuten op laag vuur staan onder voortdurend roeren.
Wanneer de linzen gaar zijn, giet je de gehele inhoud van de pan met pasta toe en roer er een paar keer goed doorheen. Naar wens kun je de soep nog even laten trekken.
Maak het gerecht af op smaak met peper en zout en serveer.
Notities
Let op: Deze soep bewaart niet best, de pasta drinkt namelijk het vocht op in de soep, gebruik daarom zeker de functie om de porties aan te passen.